Expertisecentrum voor vruchtbaarheidsbehandelingen
+31 71 581 2300 Spoed buiten kantoortijden: 06 25257420

ICSI behandeling

Denkt u eraan om een ICSI (Intracytoplasmatische sperma-injectie) te starten om uw kinderwens te vervullen? Dan is het belangrijk dat u weet hoe wat het ICSI proces is en hoe het u kan helpen. Lees daarom hier meer over onze ICSI-behandeling

ICSI behandeling bij MC Kinderwens
Wat is een ICSI-behandeling?

Wat is een ICSI-behandeling?

ICSI staat voor intracytoplasmatische sperma-injectie (ICSI) en is een speciale vorm van In-vitrofertilisatie (IVF). Bij een ICSI-behandeling wordt in het laboratorium een zaadcel rechtstreeks in (het cytoplasma van) een eicel geïnjecteerd. Om deze reden noemt men deze methode ook wel micro-injectie. Deze behandeling wordt wereldwijd al sinds 1992 succesvol toegepast. Indien de verminderde vruchtbaarheid veroorzaakt wordt door zaadcellen die niet in staat

Wat zijn de redenen voor een ICSI-behandeling?

Een ICSI-behandeling kan worden toegepast als:

  • de vruchtbaarheid van de man dusdanig beperkt is dat zijn zaadcellen de eicellen niet zelfstandig kunnen bevruchten.
  • er geen bevruchting opgetreden is bij een IVF-behandeling. Wilt u bespreken welke behandeling (ivf of icsi) u het beste kan helpen, kunt u zeker een van onze artsen contacteren.
  • er gebruik wordt gemaakt van zaadcellen die door TESE of PESA verkregen zijn.
Zo verloopt het

Hoe verloopt een ICSI-behandeling?

  1. Hormonale stimulatie

    De eerste stap van de ivf en icsi behandeling zijn hetzelfde. Zo moet er bij een ICSI-behandeling eerst meerdere eicellen gelijktijdig uitrijpen. De kans op succes neemt bij een ICSI-behandeling toe wanneer er meerdere eicellen tegelijkertijd uitrijpen. De uitrijping van meerdere eicellen wordt gestimuleerd door middel van een hormoonbehandeling bij de vrouw.

  2. Sperma-afgifte van de man

    De afgifte van het spermamonster vindt plaats kort voor of na de follikelpunctie. Daarna wordt het monster in het laboratorium opgewerkt, zodat zo veel mogelijk zaadcellen van goede kwaliteit beschikbaar zijn voor de ICSI. Bevat het ejaculaat van de man geen zaadcellen, dan kan ook het materiaal van een teelbalbiopsie (TESE) of bijbalpunctie (PESA) worden gebruikt. Voor een TESE of PESA behandeling verwijzen we u naar een ander ziekenhuis.

  3. Bevruchting van de eicellen in het laboratorium

    Een deskundige in het laboratorium injecteert onder de microscoop met een speciale naald een enkele spermacel rechtstreeks in een eicel (ICSI). De dag na de ICSI is te zien hoeveel van de geïnjecteerde behandelde eicellen zijn bevrucht (voorkernstadium). De ontwikkeling van de bevruchte eicellen tot embryo’s vindt plaats in een speciale broedstoof gedurende 5 dagen.

  4. Embryotransfer in de baarmoeder

    Voor de plaatsing van een embryo in de baarmoeder gebruikt de arts een katheter van zachte kunststof; de behandeling zelf duurt maar een paar minuten. Doorgaans wordt er één embryo in de baarmoeder geplaatst. Afhankelijk van de leeftijd en het aantal voorafgaande IVF/ICSI pogingen kan er soms gekozen worden om twee embryo’s te plaatsen. De embryo’s kunnen zich nu in het baarmoederslijmvlies innestelen en zich daar verder ontwikkelen.

Zodra de eicellen rijp zijn, neemt de arts ze met een naald onder echogeleiding uit de eierstokken weg. Deze ingreep wordt follikelpunctie genoemd. Een follikelpunctie duurt over het algemeen slechts enkele minuten. Tijdens deze ingreep bestaat de mogelijkheid om via een infuus extra pijnstilling te krijgen. Door middel van deze aanvullende pijnstilling is een follikelpunctie voor de meeste vrouwen goed te verdragen.

Na de punctie worden de weggenomen eicellen meteen naar het laboratorium gebracht, waar ze voor bevruchting worden geprepareerd.

Als de partner geen levensvatbare zaadcellen heeft, is er een mogelijkheid om gebruik te maken van donorzaad van een donor van een spermabank of van een eigen, bekende donor.

Na ongeveer 14 dagen kan een zwangerschapstest gedaan worden. Dan wordt duidelijk of de ingreep succesvol is geweest of herhaald moet worden.

Wat is de slagingspercentage van ICSI?

Wat is de slagingspercentage van ICSI?

Het slagingspercentage hangt in belangrijke mate af van de leeftijd van de vrouw en de indicatie voor de behandeling. De actuele cijfers en de behandeling (IUI, ICSI of IVF) die het beste bij uw persoonlijke situatie passen, kunt u bespreken met uw arts. Hij of zij vertelt u ook graag over onze ICSI succesverhalen.

Welke risico’s zijn er bij een ICSI?

Een ICSI-behandeling brengt ongeveer dezelfde risico’s met zich mee als een IVF-behandeling. Alle complicaties zijn zeldzaam, maar ze kunnen in individuele gevallen soms wel degelijk ernstig zijn. Zo kan de hormoonbehandeling soms bijwerkingen hebben, zoals moeheid, hoofdpijn, stemmingswisselingen en een opgeblazen gevoel.

Het zogenoemde overstimulatiesyndroom is een bijwerking van een hormoonstimulatie die kan optreden nadat een follikelpunctie heeft plaatsgevonden. Daarbij kunnen bijvoorbeeld buikpijn, misselijkheid kortademigheid en/of gewichtstoename optreden.

Ten gevolge van een follikellpunctie kan er in zeldzame gevallen een (na)bloeding of infectie ontstaan. De arts die u behandelt, zal u uitgebreid informeren over de mogelijkheden en risico’s van de behandeling, uitleg geven over het verloop ervan en de mogelijkheid van een meerlingzwangerschap bespreken.

De arts bespreekt de details met u tijdens het individuele adviesgesprek.

Worden de kosten van een ICSI behandeling vergoed?

In Nederland valt de vergoeding van een IVF-ICSI behandeling binnen het basispakket. Vanuit het basispakket worden 3 IVF-ICSI behandelingen vergoed. Een IVF-ICSI behandeling bestaat uit een hormoonstimulatie en een follikelpunctie en de terugplaatsing van alle embryo’s die ontstaan uit deze behandeling.

Voor de verzekering telt de poging als er een follikelpunctie heeft plaatsgevonden (met of zonder terugplaatsing van een embryo dat verkregen is met ICSI).

Veelgestelde vragen

Uw vragen, helder beantwoord

Staat uw vraag er niet bij? Ons team beantwoordt hem graag.

Stel uw vraag
Ik heb toenemende klachten na de punctie, wat moet ik doen?

Wanneer u toenemende klachten heeft, zie hierboven. Indien u koorts heeft (boven de 38˚C) verzoeken wij u vriendelijk contact op te nemen met de kliniek.

Ik heb pijnklachten na de punctie, wat moet ik doen?

Tegen de pijn kunt u 2 tabletten van 500mg paracetamol innemen. Bent u aan het werk, ga dan naar huis en doe rustig aan. Het is belangrijk om voldoende te drinken. Blijven de pijnklachten ondanks het innemen van de paracetamol aanhouden of twijfelt u neem dan contact op tijdens kantooruren 071 5812300. Op de punctiebrief die u heeft ontvangen staat het nummer van de noodtelefoon buiten kantooruren genoteerd.

Wanneer moet ik starten met Utrogestan/Crinone of Duphaston?

In de ochtend op de dag na de punctie start u met Utrogestan of Duphaston. We adviseren Crinone te gebruiken in de avond en daarmee te starten de dag na de punctie.

Begin bij uw kinderwens

Wij denken graag met u mee. Neem contact op en ontdek welke mogelijkheden er voor u zijn.